
Bart en Kee leven bijna zelfvoorzienend op schip: ‘Geen noodpakket, maar andere manier van leven’
Nieuws 1.520 keer gelezenGouda - Terwijl de overheid mensen oproept om een noodpakket in huis te halen, leven Bart en Kee van der Meer al zo dat ze zonder moeite wekenlang zelfvoorzienend kunnen zijn. Niet omdat ze zich voorbereiden op rampscenario’s, de levensstijl van het echtpaar is al tientallen jaren zo. Ze zijn kritisch op het advies van de overheid, maar ook op hoe de samenleving zich de afgelopen decennia heeft ontwikkeld.
Naast GOUDasfalt ligt hun bijna honderd jaar oude schip. Het is niet zomaar een woonplek, maar een manier van leven die zij al ruim vijftig jaar koesteren. “We stapten er ooit op vanuit woningnood. Er was geen stromend water, geen elektriciteit, niets. Dus leer je vanzelf overleven.” Vier jaar lang leefden ze zonder stroom. Water kwam uit een tank van 300 liter. “Daar moesten we zuinig op zijn, dat is zo leeg.” Koken gebeurde op een kachel of gastoestel, verlichting met petroleum. “Het klinkt primitief,” zegt Kee, “maar je leert bewust omgaan met wat je hebt.”
Serie
In deze serie duikt Het Kontakt – Goudse Post in de oproep om 72 uur zelfredzaam te zijn. Hoe bereiden Gouwenaars zich voor op een crisis? We spreken inwoners, onderzoekers, de gemeente en de veiligheidsregio over risico’s, noodpakketten en wat zelf- en samenredzaamheid in de praktijk betekent. Lees ook onze andere artikelen over dit onderwerp via de app of de website.
Hun huidige luxemotor uit 1926 biedt iets meer comfort, maar blijft basaal. Er is een zonnepaneel voor verlichting, koken doen ze op een spiritusstelletje. “We willen meer zonnepanelen en een grotere buffer voor stroom,” vertelt Kee. “Dan wordt het schip volledig self-supporting.”
Afhankelijk
Het idee van een noodpakket vinden ze weinig zinvol. “Als je niet weet hoe je zuinig je tanden poetst, red je het ook niet drie dagen met een paar plastic flessen water,” zegt Bart. “De overheid adviseert dat je 72 uur zelfstandig kunt overleven, maar ondertussen maakt diezelfde overheid ons juist afhankelijker van technologie en systemen die kwetsbaar zijn.”
Hij verwijst naar digitalisering, waarbij veel regelzaken alleen nog online kunnen. “Je auto parkeren, een theaterkaartje kopen, alles moet via een apparaat dat vol risico’s zit. Toch maakt de overheid ons afhankelijk van dat apparaat. Cybercriminaliteit ligt op de loer, maar een alternatief wordt niet geboden. Dat is tegenstrijdig beleid.”
Volgens Bart en Kee ligt het probleem niet bij individuen, maar in de manier waarop de samenleving is ingericht. “We hebben welvaart verward met vooruitgang,” zegt Bart. Ik zie de welvaart als een enorme verarming. We hebben twee handen, kunnen goed nadenken, we hebben zoveel kansen, en moet je kijken wat we ermee doen.”
We stellen ons niet eens meer de vraag: is dit nu eigenlijk een meerwaarde?
In tegenstelling tot hun levenswijze, zien ze de samenleving juist versnellen. “Alles wordt groter, sneller, luxer, maar we zijn onze natuurlijke zelfredzaamheid kwijtgeraakt. We zijn als maatschappij zo ongelooflijk doorgeslagen en we vinden het zo vanzelfsprekend dat we ons niet eens meer de vraag stellen: is dit nu eigenlijk een meerwaarde?”, zegt Bart. “We zijn ver afgedwaald van onze natuurlijke levenswijze. Het echte vraagstuk is niet of je een noodpakket hebt, maar of we bereid zijn onze manier van leven te veranderen.”
Elektrische loopfiets
Kee noemt de opkomst van de elektrische fiets als voorbeeld. “Mensen vinden het hartstikke mooi, en je hoeft er niet meer zo hard voor te werken. Laatst zocht ik een fietsje voor mijn kleinzoon, en wat vind ik op internet?”. Niet lachen hoor, zegt ze: “Een elektrische lóópfiets. Ik zei het tegen mijn kleinzoon en hij zei: dan heb ik mijn benen niet meer nodig! Maar hij zag er de absurditeit ook wel van in. Een elektrische loopfiets voor kinderen, het is ook een verdienmodel. De uitvinding op zich is mooi, maar het slaat in een mum van tijd door.”
Zelf kopen ze tweedehands spullen, eten zoveel mogelijk Nederlandse groenten en reizen zelden verder dan hun schip kan varen. “Zodra we de haven uitvaren, zijn we op vakantie,” zegt Kee. “We hebben nog nooit gevlogen. Niet uit activisme, maar omdat Nederland al zo groot en mooi is als je het langzaam doorkruist.”
Geroeptoeter
Hoewel Bart zich geen zorgen maakt over rampen of oorlog, voelt Kee dat anders. “Er zal best iets onvoorspelbaars kunnen gebeuren,” zegt ze. Zelf volgt ze het nieuws niet meer.
Bart: “Zolang de boodschappen via overheden en reclames niet dichter staan bij ons sociaalmaatschappelijke tekortkomingen, raakt al dat geroeptoeter mij niet. Ik volg het wel. In plaats van roepen hoe de wereld er in 2050 uit moet zien, zou een overheid een boodschap moeten uitdragen die dichter staat bij de realiteit van de dag. Dat draagt bij aan een evenwichtiger maatschappij. In plaats van angsthazerij verkopen.”
Balans
Het is nu ook weer niet zo dat iedereen op een schip moet gaan wonen of volledig zelfvoorzienend leeft, voegt Bart toe. Wel zouden mensen kunnen nadenken over hun afhankelijkheden en consumptie. “Je hoeft niet alles uit te bannen, zo is het nu ook weer niet. Je hoeft niet op een houtje te bijten, maar het moet allemaal wel wat meer in balans.”






















