
Oude keuzes leiden tot miljoenenoverschrijding bij rioleringsprojecten: ‘Ooit goedkope oplossing’
Nieuws 2.952 keer gelezenGouda – De vervanging van het rioolstelsel in de Vogelbuurt en Kort Haarlem kent flinke tegenvallers. De werkzaamheden duren langer dan gepland en kosten 3,6 miljoen euro meer dan begroot. Dat komt onder andere doordat de straten in het verleden zijn opgehoogd zonder oude lagen te verwijderen. “Wat ooit een goedkope oplossing was, wordt nu een dure,” zegt projectleider Raymond Ernst.
Tijdens het werk stuit het team op onverwachte obstakels: lagen asfalt, straatstenen, puin en zelfs complete kolken, afwateringsputten die regenwater vanaf de straat het riool in leiden. “We komen regelmatig tegen dat er zomaar vier lagen verharding over elkaar heen liggen,” zegt Ernst. In sommige straten ligt het oorspronkelijke straatwerk nog op zijn plek, met daaroverheen meerdere nieuwe lagen.
Een belangrijke oorzaak is dat het riool tegenwoordig anders wordt aangelegd dan in het verleden. Bij de aanleg van de wijken, zo’n honderd jaar geleden, werden riolen onderheid en buiten de rijbaan gelegd, bijvoorbeeld in achtertuinen of achterpaden. “Zo konden de straten telkens opgehoogd worden, en het riool blijven liggen,” aldus Ernst. Volgens Yvonne van Asseldonk, afdeling Beheer Openbare Ruimte, destijds een goedkope oplossing: “Maar die zorg nu juist voor extra kosten.”
Sinkholes
De oude ligging maakt onderhoud en vervanging lastig. Bovendien blijft het onderheide riool liggen terwijl de grond eromheen zakt. “Dan zie je soms een enorme bult in het straatwerk. Of je ziet putdeksels ineens hoog uitsteken,” zegt Ernst. “Dat komt doordat het riool niet meezakt.”
Ook leidt het regelmatig tot sinkholes. “Onder de constructie zakt de grond mee, maar onder dat onderheide riool blijft een holte ontstaan. En als die grond eromheen blijft zakken, krijg je in een keer een instorting. Dan krijg je dus een gat in de rijbaan.”
Het nieuwe rioolstelsel wordt nu in de rijbaan aangelegd, in openbaar gebied. “Dat maakt onderhoud veel makkelijker. We hoeven niet meer door achtertuinen te graven,” zegt Ernst. “En het riool zakt nu mee met de omgeving. We leggen flexibele huisaansluitingen aan, die met de bodemdaling kunnen meebewegen. Daarmee voorkomen we ook sinkholes.”
‘Alles zat er nog in’
Doordat het nieuwe riool nu onder de straat komt, komen de oude lagen nu aan het licht. “In de Vogelbuurt hebben we zelfs straten gevonden waarin het oude straatwerk nog lag, inclusief kolken. Alles zat er nog in” zegt Ernst. “Daaroverheen is een laag zand gestort en opnieuw bestraat, en dat vier keer.”
De praktijk wijkt daarmee af van wat vooraf werd verwacht. “De boringen gaven bijvoorbeeld aan dat er twintig centimeter puin zou liggen, en daarboven een laagje asfalt van tien centimeter,” zegt Ernst. “Maar een halve meter verderop ligt er opeens een halve meter asfalt en een meter puin.”
Die onverwachte harde lagen zorgen voor extra werk. “Waar je normaal kunt graven, moet je nu eerst breken. Dat kost veel meer tijd,” aldus Ernst. Breken veroorzaakt bovendien trillingen. “En omdat veel huizen in deze wijken op houten palen staan, moeten we trillingsarm werken: rustig, nauwkeurig en met kleine bewegingen in plaats van grof met machines trekken.”
Van anderhalf naar drieënhalf jaar
De meerkosten worden geschat op 1,8 miljoen euro voor de Vogelbuurt en 1,7 miljoen voor Kort Haarlem. In plaats van de geplande anderhalf jaar duren de projecten nu naar verwachting drieënhalf jaar. De Vogelbuurt moet in het derde kwartaal van 2025 klaar zijn, Kort Haarlem in de tweede helft van 2026.
Voor toekomstige projecten, hierna zijn de Kadebuurt, Korte Akkeren Oud en rond de Vossenburchkade aan de beurt, kiest de gemeente voor een aangepaste aanpak. “We voeren vaker extra boringen en proefsleuven uit,” zegt Ernst. “En we proberen er ook met eigen mensen bij te zijn, zodat we met lokale kennis kunnen inschatten wat we tegenkomen. Iets wat een onderzoeksbureau misschien over het hoofd ziet.” Ook worden projecten kleiner en gefaseerd uitgevoerd om risico’s en overlast te beperken. “Maar je weet pas echt wat er in de ondergrond zit als je hem openmaakt.”
Volgens Van Asseldonk hoeven inwoners zich voorlopig geen zorgen te maken over stijgende rioolheffingen. “De extra kosten tot en met 2028 kunnen we opvangen uit de bestaande reserves. Daarna bekijken we opnieuw wat er nodig is.”






















