
Van bed gelicht: het verhaal van Pieter Bokhoven en Kees de Jong
NieuwsTachtig jaar na de bevrijding krijgen Goudse oorlogsgeschiedenissen een stem. In de vijfdelige serie artikelen Goudse Oorlogsgevangenen staan brieven centraal van inwoners die tijdens de Tweede Wereldoorlog gevangen zaten. De serie is een coproductie van RTV Gouwestad, de Goudse Post en EDGH.nl, in samenwerking met historicus Peter Beukema.
Door Gerda den Hollander
In een oorlog is iedereen vogelvrij. Dat blijkt uit de verhalen van Pieter Bokhoven en Kees de Jong. Zij worden samen met nog dertien Gouwenaars vastgezet als gijzelaar. De mannen variërend in leeftijd van midden veertig tot zestig jaar. Directeur, advocaat, koopman, fabrikant of aannemer, en wonend aan een van de singels of het Van Bergen IJzendoornpark. Alleen Bokhoven en De Jong stuurden een verslag van hun ervaringen.
“Tot heden is het mij niet bekend, wat de juiste reden is geweest van mijn in gijzelingstelling”, begint aannemer Pieter Bokhoven (58) zijn verhaal.
![]()
P Bokhoven - Foto: SAMH
“Op 13 juli 1942 des morgens om half zes hield er een auto voor de deur stil met een Duitsche soldaat en een burgerrechercheur er in. De soldaat kwam onmiddellijk toen de voordeur was opengemaakt naar binnen, de bajonet op het geweer, en ging mee naar boven, mijn slaapkamer in waar hij toezicht hield op het inpakken van eenige handbagage en onder andere aanmerking maakte op het meenemen eener pyama!”
“Er moest spoed gemaakt worden en zoo zat ik binnen eenige minuten in de auto, die mij naar het Waag gebouw bracht.”
De Waag
Daar huisde de politieke politie, voornamelijk NSB-ers, die klussen uitvoeren voor de Sicherheitspolizei in Rotterdam. In dit geval kwam de opdracht van Obersturmführer Simons en werd die uitgevoerd door de ‘foute’ hoofdagent Oudenaarden en zijn dito collega’s Behling en Van der Vlies.
In de Waag trof Bokhoven onder meer bankdirecteur Cornelis de Jong, die twee dagen voor zijn 44ste verjaardag van zijn bed is gelicht.
![]()
C de Jong - Foto: SAMH
Gijzelaars
“Het afscheid van vrouw & kinderen was kort maar gelukkig werd geen traan gelaten. Dit wilden wij niet in ’t bijzijn van dien Duitser. Ook vroeg ik niet waarheen of waarvoor. Wat weet je eraan je wacht maar af.”
De verslagen lopen behoorlijk synchroon, alhoewel ze soms verschillende tijdstippen noemen. Beiden vertellen hoe ze later die maandagochtend naar een schoolgebouw in Rotterdam worden gebracht.
“Hier werd ons verteld, dat wij Gijzelaars waren en met ons leven borg stonden voor daden van onze landgenoten”, schrijft Kees de Jong. “Het was geen prettig gehoor, doch allen hielden zich flink en om 2 uur werden wij weer in diverse vrachtauto’s geladen en vertrokken wij naar onbekende bestemming.”
![]()
Hoofdagent A Oudenaarden (ca 1942) - Foto: SAMH
Vrij in doen en laten
Die bestemming blijkt het Grootseminarie te Haren in Noord-Brabant, waar zo’n 720 mannen zitten. De Gouwenaars komen allemaal in een zaal van 120 man. ‘2 hoog, zooals vroeger in dienst’ meldt Bokhoven, en De Jong vond het behalve gezellig ook nuttig: ‘Wij hadden ontzettend veel steun aan elkaar en hier leerde je je vrienden kennen.’
Binnen het prikkeldraad van hun onderkomen zijn ze vrij om te doen en te laten wat ze willen, er is driemaal daags eten en onderling wordt het werk verdeeld.
De Jong: “Ik was ingedeeld bij de keukenploeg (met alle Gouwenezen) en moest zorgen voor ’t eten. Wat hieruit bestond, dat wij ’s morgens voor ieder 2 botterhammen klaar legden, ’s middags moesten wij de soep opscheppen en ’s avonds legden wij 4 boterhammen neer met een klein stukje boter. Verder hielden wij de zaal en de tafels schoon en werkten wij een uur of zes per dag.”
![]()
Slotpagina verslag Bokhoven - Foto: SAMH
Niet vrij
“De overige tijd brachten wij zoek met lezen, spel en sport. ’s Avonds dronken wij Gouwenaars gezellig een kopje koffie en voor ’t naar bed gaan, namen wij nog een slaapmutsje. Ik sliep gelukkig er goed en meestal moesten mijn vrienden mij ’s morgens uit bed trekken, wat natuurlijk niet zo zachtzinnig gebeurde.”
Van Bokhhoven: “Voor ontspanning werd op allerlei manieren door onze eigen menschen/gezorgd. Onder andere in den vorm van prachtige muziekuitvoeringen, lezingen, cursussen in allerlei talen enz”.
Ze vertellen beide over de extra’s die vanuit het land naar Haren werden gestuurd. “Het scheen wel dat iedere Nederlander het een ‘Eereplicht’ vond voor ons te zorgen en zo ontbrak ons letterlijk niets. Eten volop rookgerei idem, lectuur eveneens enz. enz.,” schrijft de Jong om er aan toe te voegen “Alleen ontbrak ons, onze dierbare vrijheid.”
Kameraden gefusilleerd
Ook Bokhoven benadrukt dat het ondanks alle goeie zaken, ze werden bijvoorbeeld niet mishandeld, altijd gevaar loerde. “Dat deze gevaren niet denkbeeldig waren bleek eenige malen, de eerste maal op 15 Augustus, toen enkelen onzer werden weggevoerd, om den zelfden nacht nog te worden gefusilleerd. Dit waren wel de grootste en de allerergste verschrikkingen die we hebben meegemaakt.”
Vijf man lieten toen het leven, terwijl er op 16 oktober vijftien mensen werden gedood. Overigens bleven alle Gouwenaars gespaard. “Wat er toen in ons omging is met geen pen te beschrijven’, aldus De Jong. “Ik zie ze nog gaan. Met opgeheven hoofd en flauwe glimlach om hun mond. Ja, in die dagen heb ik mensen oud en grijs zien worden.”
Vrijlating
Contact met de Duitse en Hollandse bewaking hebben ze geen van beiden. “Ze waren lucht voor ons!”, aldus Bokhoven. Meer woorden besteden ze aan de vriendschappen die werden gesloten en de mogelijkheid hun geloof te beleven, mede dankzij de vele ook opgesloten geestelijken en predikanten.
Voor Kees de Jong eindigt de gevangenschap op 24 oktober 1942 ‘wegens onmisbaarheid in zaken’.
“ ’s morgens om half tien, terwijl ik de ontbijttafels afruimde, werd er geroepen ‘Kees, je bent vrij’. Inderdaad, ik mocht vertrekken. U kunt U begrijpen mijn grote vreugde bij mijn terugkeer bij vrouw & kinderen bij mijn vrienden en bekenden.”
Voor Pieter Bokhoven duurde het verblijf tot 18 december 1942. “Na een hartig woordje waaruit moest blijken dat we het te danken hadden aan de goedheid van den ’führer’ dat we werden losgelaten vóór Kerstmis, konden we op eigen gelegenheid onze gedwongen verblijfplaats verlaten.”
Meer dan een serie artikelen
De serie verschijnt wekelijks in Het Kontakt - Goudse Post. In de vijfdelige podcastserie Goudse Oorlogsgevangenen, gemaakt door RTV Gouwestad en EditieGroeneHart.nl, staan vijf andere brieven centraal. In de eerste week is dat het verhaal van Willem Knecht. De podcast is vanaf 1 april wekelijks te beluisteren via Spotify, via de app van Het Kontakt - Goudse Post en te zien op RTV Gouwestad en EDGH.nl. De afleveringen zijn direct te beluisteren via Spotify.



























