Flitspaal op de verkeerde plek

Deze week twee krantenartikelen die zeer herkenbaar zijn. In het ene krantenartikel liggen kinderen wakker van hardrijdende, veel herrie makende snelheidsduivels in de Korte Akkeren en Kort Haarlem. En waarom herkenbaar? Omdat er ook elders in Gouda veel te hard gereden wordt. Zoals bij mij voor de deur op de Graaf Florisweg.

In het tweede krantenartikel heeft een man uit Nieuwerkerk van een oude Cv-ketel een nepflitspaal gemaakt omdat er in zijn straat veel te hard gereden wordt. En bij het zien van de nepflitser wordt er direct langzamer gereden. Hoeveel bewijs heb je dan nog nodig dat flitsapparatuur in woonwijken helpt de snelheid te beperken.

Waar ik me aan erger, is dat flitspalen vaak juist buiten de woonwijken staan, op plekken waar geen spelende kinderen zijn en nauwelijks fietsers gevaar lopen.

Neem nou de flitser die regelmatig op de Burgemeester Jamessingel staat. Soms bekruipt mij het gevoel dat het daar meer gaat om bekeuringen dan om verkeersveiligheid.

En de meest irritante flitser die voor veiligheid nutteloos is, is die van de Goudse Poort. Je mag daar maximaal 50 kilometer per uur, wat juist een gevaar is omdat iedereen zwaar op de rem trapt. Terwijl 60 helemaal geen probleem is, sterker, dat zou veiliger zijn.

Natuurlijk weet de politie waar er te hard gereden wordt en waar de veiligheid ter discussie staat. Ik vermoed zelfs dat politie en handhaving heel goed weten wie de grootste problemen veroorzaken. De vraag is wat er aan gedaan kan worden om de veiligheid te garanderen.

Er wordt ook wel eens geadviseerd om groene poppetjes langs de weg te zetten. Dan weet de automobilist dat er spelende kinderen kunnen zijn, of scholen. Sorry. Dat werkt bij de groep die met knallende uitlaten door de wijk scheuren echt helemaal niet.

En als inwoners zelf nepflitspalen gaan bouwen om automobilisten af te remmen, dan is dat misschien geen grapje meer, maar een signaal. Een signaal dat veiligheid voor bewoners belangrijker is dan regels en opbrengsten. Laten we hopen dat er niet eerst een ernstig ongeluk nodig is voordat er echt wordt ingegrepen.