Een monument voor Edith
Er is een idee waar ik al jaren mee onder mijn arm loop: Een monumentje voor Edith.
Niet groot. Niet zwaar. Niet zo’n plek waar je automatisch plechtig van gaat doen. Liever iets kleins in de Goudse binnenstad. Een plek waar je langsloopt, even blijft staan en denkt: zij was hier. Zij hoorde bij deze stad.
Edith Roseij Beek was een gewoon Gouds meisje. Ze woonde aan de Lange Tiendeweg. Ze ging naar school. Ze speelde. Ze had een pop. Ze werd negen jaar. Verraden op haar onderduikadres. Weggevoerd. Vermoord in Auschwitz, op 19 november 1943. Een kind.
Dat is het zinnetje waar ik steeds op vastloop. Niet op de grote geschiedenis. Niet op de jaartallen. Maar op dat ene onmogelijke gegeven: zij werd negen jaar.Het enige dat we nog tastbaar van haar hebben, zijn wat foto’s en die pop. Dat vind ik bijna niet te verdragen. Een heel kinderleven teruggebracht tot een paar beelden en een stuk speelgoed.
Er zijn twee boeken over geschreven, door haar neef Paul Beek en door Lianne Biemond, een prachtig indrukwekkend kinderboek. Vorig jaar vertelde Museum Gouda haar verhaal in de tentoonstelling Edith, een gewoon Gouds meisje. Maar eigenlijk hoort haar verhaal niet alleen in een boek of vitrine. Het hoort ook in de stad.
En toch gaat dat monumentje voor mij niet alleen over Edith. Het gaat ook over alle kinderen die vandaag nog steeds hun gewone leven kwijtraken door oorlog, haat en de ego’s van grote mensen. In Gaza. In Oekraïne. In Syrië. In Iran. Waar dan ook.
Geen kind vraagt om oorlog.
Geen kind vraagt om vluchten.
Geen kind vraagt om angst aan de keukentafel.
Jaren geleden ontmoette ik een Syrische vader. Hij vertelde hoe hij met zijn vrouw en kinderen vanaf de heuvels keek hoe hun wereld werd vernietigd. Eerst bracht hij zijn kinderen in veiligheid. Later kon hij zelf wegkomen. Twee briljante kinderen zagen hun ouders opnieuw beginnen in een keihard leven. Edith kreeg die kans niet.
Daarom moet dat monumentje er komen. Voor haar. En via haar voor ieder kind dat door haat en geweld uit het gewone leven wordt gerukt. Ik loop er al jaren mee rond. Nu wordt het echt tijd om Edith een plek te geven.