
Toekomst voor kansarme jeugd Afrika
Gouda - In een kantoorpand in Gouda, op het bedrijventerrein Gouwespoor, wordt dagelijks gewerkt aan een wereld die zich duizenden kilometers verderop afspeelt. In Afrikaanse landen als Oeganda en Guinee-Bissau krijgen kinderen die anders nauwelijks kansen hebben, toch toegang tot onderwijs of medische zorg. Achter dat werk staat de Child Care Africa Foundation (CCA): een relatief kleine stichting met een grote impact.
“Wat we doen is eigenlijk eenvoudig in woorden, maar in de praktijk complex”, zegt Harriet Walhout, directeur-bestuurder van de stichting. “We willen kinderen in extreme armoede perspectief bieden op een toekomst.”
Oorsprong in ontmoeting in Oeganda
De stichting ontstond ongeveer zeven jaar geleden vanuit een ontmoeting in Oeganda. Een Goudse ondernemer, Wim van Welzen, zocht vanuit zijn christelijke levensovertuiging naar manieren om iets te betekenen voor kwetsbare kinderen in Afrika. In het veld ontmoette hij Dorian Cosijnse, een jonge Nederlandse die al werkte aan onderwijsprojecten in een van de armste regio’s van het land.
Samen legden zij de basis voor Child Care Africa Foundation. Cosijnse bouwde ter plekke onderwijsprogramma’s op en werkte met lokale partners. Na drie jaar kwam daar abrupt een einde aan: zij kwam om het leven bij een verkeersongeval in het Oost-Afrikaanse land. “Dat was een enorme klap”, vertelt Walhout. “Maar er was ook meteen de overtuiging: dit werk mag niet stoppen.”
Het werk werd voortgezet door de medeoprichter en lokale teams in Afrika, ondersteund vanuit Nederland. Inmiddels werkt de stichting met een klein team in Gouda en vooral met partners en uitvoerders in de projectlanden zelf.
‘Elk kind dat we bereiken maakt voor ons het verschil’
Onderwijs en medische zorg
Child Care Africa richt zich op twee hoofdgebieden: onderwijs en medische zorg voor kinderen met een beperking.
In Oeganda worden momenteel circa 140 kinderen ondersteund bij het volgen van onderwijs. In Guinee-Bissau gaat het om ongeveer 90 kinderen. Daarnaast bereikt de organisatie jaarlijks honderden tot mogelijk rond de duizend kinderen via medische screenings, operaties en specialistische zorg. Die cijfers verschillen per jaar en zijn afhankelijk van programma’s en campagnes, benadrukt de stichting.
“Veel gezinnen hebben simpelweg geen geld voor school of medische hulp”, zegt Walhout. “Dan valt een kind al snel buiten het systeem. Wij proberen dat te doorbreken.”
Naast financiële ondersteuning voor schoolkosten biedt de stichting ook begeleiding aan gezinnen. Dat is volgens haar essentieel om uitval te voorkomen. “Zonder begeleiding is het aantal kinderen dat tussentijds stopt met school heel hoog. Door gesprekken met ouders en gemeenschappen proberen we dat te verminderen.”
Lokale samenwerking als uitgangspunt
Een belangrijk uitgangspunt van Child Care Africa is dat het werk niet afhankelijk mag zijn van Nederland. Daarom werkt de stichting bewust met lokale teams en partners. “Wij willen niet dat alles vanuit ons land gestuurd blijft”, zegt Walhout. “Het moet lokaal verankerd zijn, zodat het ook op lange termijn blijft bestaan.” In landen als Sierra Leone wordt daarom vooral gewerkt via zogeheten ‘capacity building’: het trainen van lokale professionals zodat zij zelf projecten kunnen uitvoeren en uitbouwen.
Langzame maar zichtbare verandering
De stichting ziet dat verandering tijd kost, maar wel degelijk zichtbaar is. Vooral onderwijs voor meisjes speelt daarin een belangrijke rol. “We zien dat jonge vrouwen die bijvoorbeeld verpleegkunde hebben gestudeerd, steeds vaker een voorbeeldfunctie krijgen in hun gemeenschap”, vertelt Walhout. “Dat werkt door.”
Tegelijkertijd is de realiteit hard: armoede, culturele patronen en gebrek aan voorzieningen maken onderwijs niet vanzelfsprekend.
Steun uit Nederland
De stichting draait op een mix van particuliere donateurs, bedrijven en vermogensfondsen. Ook lokale initiatieven spelen een rol, zoals een recente inzamelingsactie met studenten van het Hoornbeeck College in Gouda. “Die samenwerking is belangrijk. Niet alleen financieel, maar ook omdat het mensen hier bewust maakt van wat er elders in de wereld speelt.”
Extra aandacht door tv-uitzending
Onlangs kreeg het werk extra aandacht door de uitzending van het BNNVARA-programma Break Free. De aflevering vertelde het verhaal van Dorian Cosijnse en liet de leefomstandigheden in Oeganda zien. De uitzending raakte veel kijkers en zorgde volgens de stichting voor extra betrokkenheid en nieuwe donaties. “Het is een eerbetoon aan Dorian, maar ook een confronterend beeld van waarom dit werk nodig blijft.”
Hoewel Child Care Africa in Gouda gevestigd is, ziet Walhout de stichting nadrukkelijk als internationaal werkend. “We hebben donateurs uit het hele land en werken in meerdere landen samen met lokale partners.”
De kleinschaligheid heeft volgens haar ook voordelen. “We zijn wendbaar en hebben direct contact met de projecten. Daardoor zie je sneller wat je werk oplevert.”
Blijven bouwen
De stichting wil blijven groeien in samenwerking, bekendheid en impact. Mogelijk komen er nieuwe acties en reizen waarbij donateurs of studenten kennis kunnen maken met het werk in Afrika. “Uiteindelijk draait het om één doel”, zegt Walhout. “Dat kinderen - één voor één, gemeenschap voor gemeenschap - de kans krijgen om onderwijs te volgen, zich te ontwikkelen en een toekomst op te bouwen die anders buiten bereik zou blijven.”
Meer informatie over Child Care Africa Foundation staat op de website: https://cca-f.nl.