Adel achter de kassa in Van Noord, waar hij in de keuken werkt.
Adel achter de kassa in Van Noord, waar hij in de keuken werkt. Foto: Sandra Zeilstra

Adel (63) weer aan de slag via basisbaan: ‘Voel weer trots en vertrouwen’

Nieuws

Gouda - Sinds zijn komst naar Nederland deed Adel Alkadamani veel vrijwilligerswerk, maar een betaalde baan vond hij niet. De vraag naar wat voor werk hij deed vond hij ongemakkelijk, want van een uitkering was hij liever niet afhankelijk. Dat is niet meer nodig: sinds een half jaar werkt de 63-jarige Gouwenaar via een pilot als gastheer en horecamedewerker in twee ontmoetingscentra. ‘Ik draag weer een steentje bij.’

Zijn werkdagen zijn inmiddels goed gevuld. Voor sommige Gouwenaars zal hij een bekend gezicht zijn: drie dagen per week is hij te vinden in het Nelson Mandela Centrum en Ontmoetingscentrum Van Noord. Daar ontvangt hij bezoekers, zet hij zalen klaar en helpt hij in de keuken.

Het was voor Adel niet eenvoudig om betaald werk te vinden. Vijf jaar geleden vluchtte hij uit Syrië, waar hij ruim dertig jaar werkte aan een universiteit. “Ik gaf les, was assistent-professor in statistiek en deed wetenschappelijk onderzoek.” In de loop van zijn carrière werkte hij mee aan meer dan twintig onderzoeken, vertelt hij trots.

Lastig

Een vergelijkbare baan bleek in Nederland lastig te vinden. “Samen met mijn consulent heb ik echt gezocht, maar dat lukte niet.” Vooral de taal bleek een obstakel. “Voor dat werk heb je een hoog niveau Nederlands of Engels nodig. Mijn tweede taal is Russisch, geen Engels.”

De functie die hij nu heeft, is onderdeel van een pilot van de gemeente Gouda: de basisbaan. Dat is betaald werk voor mensen die willen werken, maar geen reguliere baan kunnen vinden. Het werk heeft maatschappelijke waarde en mag geen bestaande banen of vrijwilligerswerk verdringen.

Financieel zelfstandig

Het doel is dat iemand niet langer afhankelijk is van de bijstand, daarom werken deelnemers minimaal 24 tot 28 uur per week. “Dat is nodig om financieel zelfstandig te worden” zegt Sjoerd Verweij, consulent sociaal domein bij de gemeente Gouda. “Dat maakt het ook meteen zwaar voor sommigen: niet iedereen kan dat aan.”

Adel bleek wel een match. “Hij wilde heel graag aan het werk en was gemotiveerd om weer betaald werk te doen. In het verleden liep hij daarbij vaak tegen zijn leeftijd aan. Als gemeente vinden we het belangrijk dat mensen toch kunnen meedoen, via betaald werk met een fatsoenlijk inkomen, op een plek waar ze passen”, zegt Verweij. “Die motivatie zagen we aan alles.” Zelf zegt Adel: “Ik wilde zonder uitkering zijn.”

Op zijn plek

De deelnemers komen in dienst van Promen en krijgen begeleiding van een jobcoach. Coby Spoelstra begeleidt Adel vanuit Promen, en ziet dat hij goed op zijn plek zit. “Adel is heel zelfstandig. We spreken elkaar eens in de vier weken, maar veel hulp heeft hij niet nodig.”

Adel, die nu 28 uur per week aan de slag is, merkt een enorm verschil. “Ik voelde me altijd ongemakkelijk als mensen vroegen wat ik deed. Ik schaamde me om te zeggen dat ik van een uitkering leefde. Dat was iets waar ik niet aan gewend was en wat ik nog nooit eerder in mijn leven had meegemaakt.”

“Ik heb minder stress nu ik niet meer afhankelijk ben van een uitkering. Ik heb weer een gevoel van waardigheid en trots en voel me weer een actief lid van de maatschappij. Nu draag ik weer bij aan de economie en ben ik een positief rolmodel voor mijn familie en vrienden.”

Veel bezig geweest

Toch kijkt hij niet negatief terug op die periode. “Ik deed veel vrijwilligerswerk, daar begon ik binnen zes maanden mee.” Hij was actief op verschillende plekken in de stad, onder meer op de markt, bij GOUDasfalt en in een clubhuis. “Ik ben heel veel bezig geweest. Zo leerde ik ook de mensen en de taal kennen.”

Door zijn werk gaat ook zijn Nederlands vooruit, vertelt Adel. In de keuken leert hij bij. “Voorheen was ik een hobbykok, nu kook ik voor grote groepen.”

Toch is het werk daar best zwaar, zeker gezien zijn leeftijd. “De meeste collega’s zijn zo oud als mijn kinderen.” Daarom wil hij zich meer richten op het Nelson Mandela Centrum, waar het rustiger is. “Daar probeer ik iets op te bouwen dat beter bij mij past.”

Niet terugvallen

Verweij hoopt dat hij kan blijven. “Lukt dat niet, dan kijken we naar een andere mogelijkheden bijvoorbeeld een garantiebaan. Zo proberen we te voorkomen dat iemand terugvalt in de bijstand.”

Wethouder Jan Kees Oppelaar noemt basisbanen een belangrijk instrument, ook voor de stad. “We willen inwoners die nu langs de kant staan weer perspectief geven op werk en deelname aan de samenleving.” Volgens hem profiteert ook de stad. “We kunnen talenten beter benutten en werk oppakken dat blijft liggen, wat bijdraagt aan sterke en leefbare wijken.”