
Pokken: hoe een levensgevaarlijke ziekte in Gouda tussen 1800 – 1850 werd bestreden
NieuwsDoor Peter Kuppen en Marianne van der Veer - Wolff
Eeuwenlang werd de wereldbevolking en vooral kinderen geteisterd door pokken. Het zeer besmettelijke variolavirus zorgde voor hoge koorts en pijnlijke blaasjes die zich ontwikkelden tot grote zweren of pokken. Ongeveer drie op de 10 getroffenen stierven. Zij die het overleefden hielden er een pokdalig gezicht of zelfs blindheid aan over.
Koepokvaccinatie, de allereerste vaccinatie ooit
Pokken kan ook bij dieren voorkomen. De Engelse plattelandsarts Edward Jenner ontdekte dat melkmeisjes, die littekens van koepokken op hun handen hadden, niet besmet raakten met pokken. De veel mildere koepokken maakten hen blijkbaar immuun. Hij introduceerde in 1798 een methode tegen pokken door kinderen in te enten met koepokken. Dit was de allereerste ‘vaccinatie’, naar het Latijnse woord ‘vacca’ (koe).
Dit artikel is een bijdrage van de Gouda Tijdmachine
De Gouda Tijdmachine: De projectleden willen uit de enorme hoeveelheid informatie die in verschillende bronnen vastligt, de ontwikkeling van de stad reconstrueren en in kaart brengen. Het is een samenwerking tussen Historische Vereniging Die Goude en het Streekarchief Midden-Holland. Maandelijks schrijven de projectleden in het Kontakt - Goudse Post over een verhaal waar zij mee bezig zijn.
Willem Frederik Büchner
De verspreiding van de ontdekking van Jenner ging snel want het effect was groot. In Gouda was dat dankzij de stadsarts Willem Frederik Büchner, die in 1802 als net afgestudeerde 21-jarige was aangesteld. Büchner was een groot voorstander van de nieuwe vaccinatie.
![]()
Portret van stadsarts Willem Frederik Büchner, onderdeel van de collectie van Museum Gouda.
De overheid gaat zich actief bemoeien met de bestrijding van pokken
Lodewijk Napoleon, die in 1806 door zijn broer keizer Napoleon Bonaparte werd geïnstalleerd tot koning van Nederland, was ook een groot voorstander van koepokvaccinatie. Hij riep stadsbesturen op om het gebruik van het vaccin zo veel mogelijk te bevorderen. Een slimme zet van Lodewijk Napoleon was om kinderen gratis te laten vaccineren, zodat ouders niet afgeschrikt werden door de kosten. Artsen werden gestimuleerd om in te enten en konden een gouden medaille van 50 gulden verdienen als ze meer dan honderd inentingen per jaar verrichtten. Bij een uitbraak mochten alleen kinderen naar school die waren ingeënt of de ziekte al hadden doorgemaakt.
Vaccinatiebewijs!
Na 1813, onder koning Willem I werden de maatregelen nog iets strenger. Arme gezinnen kregen geen uitkering als ze hun kinderen niet lieten vaccineren. Kinderen die naar school gingen, waren verplicht om een ‘pokkenbriefje’ te tonen, waarin stond dat het kind gevaccineerd was of de ziekte had gehad, het eerste vaccinatiebewijs.
Liet iedereen zijn kinderen inenten?
Sommigen lieten hun kinderen niet inenten, net als in onze tijd. Volgens Büchner had dat vooral te maken met nalatigheid, als de epidemie weer afnam, of door onwetendheid. Er waren ook mensen tegen het vaccin. Zij verspreidden leugens om anderen bang te maken, bijvoorbeeld dat mensen ‘verrunderen’ door de vaccinatie. Grote tegenstanders waren orthodoxe protestanten. Zij zagen de vaccinatieplicht als dwang die inging tegen hun geloofsopvattingen.
Vaccinatiecijfers van Gouda
Büchner was zeer gedreven om vooral de arme bevolking van Gouda te beschermen tegen de pokken. Als een geval werd gemeld, dan was hij direct ter plaatse om niet alleen het gezin, maar zelfs de hele buurt te vaccineren. Hij registreerde al zijn vaccinaties en publiceerde er over. Daardoor weten we nu veel over deze vaccinaties in Gouda en kunnen we grafieken maken.
![]()
Toelichting figuur: Op de x-as staat het jaartal en op de y-as het aantal koepokvaccinaties.
De grafiek laat zien dat het aantal vaccinaties per jaar heel erg verschilt. Er zijn duidelijke pieken in 1809, 1813, 1823/1824, 1831 en 1841, omdat er in die jaren een epidemie was. Het aantal inwoners van Gouda was in die tijd ongeveer 12.000.
De cijfers van Büchner laten ook zien dat het effect van vaccinatie heel groot was: maar heel weinig kinderen kregen daarna nog de pokken. Wel bleek dat het geen levenslange bescherming bood. Een kind kreeg 14 jaar na zijn vaccinatie alsnog de pokken en dat was toevallig een zoon van Büchner! Dus bleek dat kinderen na enige jaren opnieuw gevaccineerd moesten worden.
Koepokvaccinatie is een voorbeeld van heel succesvol bestrijden van een ziekte, want dankzij die vaccinatie komt pokken niet meer voor in de wereld. In Nederland was de laatste uitbraak in 1951 in Tilburg.
Het onderzoek naar pokken in Gouda in de eerste helft van de 19de eeuw is gedaan door Sabine Wiesmeijer, student aan het Pre-University College in Leiden. Over het onderzoek heeft zij een tentoonstelling ingericht bij het Streekarchief Midden-Holland, tot eind maart 2024 te bekijken op de eerste verdieping van de Chocoladefabriek.