
Harry en Marien geven Goudse veteranen een stem in nieuw boek: ‘Divers beeld van Goudse veteranen’
NieuwsGOUDA • De afgelopen 2,5 jaar interviewden Harry van den Brink en Marien Klein twintig Goudse veteranen voor de serie Veteranen Vertellen in deze krant. Het project is uitgemond in een boek dat dit jaar uitkomt. Nu de reeks eindigt en hun boek verschijnt, blikken we met hen terug op hun motivatie en de waarde van dit project.
Dat dit duo zich vastbeet in het project ‘Veteranen Vertellen’ komt niet uit de lucht vallen. Beiden hebben een militaire achtergrond en zijn op die manier verbonden met de Stichting Goudse Veteranen. Harry van den Brink was van november 2015 tot september 2019 commandant van de Koninklijke Marechaussee en diende in 2001 als hoofd van de militaire politie tijdens een missie in Bosnië-Herzegovina. Marien Klein werkt als klinisch psycholoog en psychotherapeut bij het Ministerie van Defensie en was in 2014 als militair psycholoog op uitzending in Mali.
Wat was jullie motivatie om veteranen te interviewen over hun ervaringen?
Harry: “Het idee kwam voort uit de wens om de band tussen de veteranen en de gemeente Gouda te versterken. We wilden dat de bewoners van Gouda zich bewust zouden worden van wie deze veteranen zijn en wat zij hebben doorgemaakt. Veel mensen hebben geen idee van de enorme impact die deze ervaringen hadden, niet alleen op de veteraan zelf, maar ook op hun gezinnen. Door het interviewen van veteranen wilden we hun verhalen uit de schaduw halen.”
De interviews nam het duo altijd af in de woonkamers van de veteranen. Volgens Marien, die het gewend is om gesprekken te voeren met militairen, belangrijk: “Je weet nooit precies waar een gesprek naartoe gaat. Sommige verhalen zijn enorm ingrijpend. Daarom hebben we alle interviews in de huiskamer van de veteraan afgenomen, in een vertrouwde omgeving.”
Wat waren verrassende of ontroerende momenten?
Marien: “Er waren verschillende momenten die me raakten. Sommige veteranen vertelden niet alleen over de missies die ze hadden uitgevoerd, maar ook over hun jeugd of de militaire opleidingen die hen hadden gevormd. Er staat me een verhaal bij van een veteraan die in zijn jeugd dysenterie kreeg in een Jappenkamp in Nederlands-Indië. Hij werd door zijn moeder in leven gehouden met het mihoen dat ze bij elkaar sprokkelde. Dat soort verhalen waren heel persoonlijk en ingrijpend. Of verhalen van veteranen die een knauw hebben gehad van hun missie. Het is indrukwekkend om te zien welke consequenties het soms heeft gehad.”
Harry: “Wat me opviel, was dat veteranen zich pas tijdens of na het gesprek realiseerden hoeveel ze te vertellen hadden. Veel begonnen met de vraag: ‘Is mijn verhaal wel belangrijk genoeg?’ Maar bijna allemaal zeiden ze achteraf: ‘Ik had meer te vertellen dan ik dacht.’ Dat besef maakte de interviews heel waardevol.”
Soms leidde een interview zelfs tot erkenning die lang op zich had laten wachten. “Henk de Jong, een veteraan die we spraken, bleek nooit officieel zijn medaille te hebben ontvangen. Na ons gesprek hebben we contact gezocht met Defensie, en op 5 mei kon de burgemeester hem alsnog zijn onderscheiding overhandigen, in het bijzijn van zijn kinderen. Dat was een bijzonder moment,” vertelt Harry.
Welke waarde hebben de interviews voor jullie, en voor anderen?
De waarde ligt voor ons vooral in het vastleggen van de geschiedenis.
Harry: “De waarde ligt voor ons onder andere in het vastleggen van de geschiedenis. Deze interviews zijn een manier om te zorgen dat de verhalen van veteranen niet verloren gaan, zodat toekomstige generaties kunnen leren van hun ervaringen. Daarnaast geeft het de veteranen zelf de kans om na zoveel jaar eindelijk hun verhaal te delen. Dat kan ook bijdragen aan een vorm van verwerking.”
Marien: “We hebben gemerkt dat de interviews soms therapeutisch werkten. Kinderen vertelden ons dat hun vader na ons gesprek eindelijk over zijn tijd in Nederlands-Indië begon te praten. Dat was bijzonder om te horen. Het zijn misschien grote woorden, maar ‘sharing provides comfort’: je geeft op die manier betekenis aan herinneringen. Het is een soort bewustwording. Een missie is een belangrijke periode in je leven geweest, en dat merkten we ook tijdens interviews. Het gaat ook om reflectie en verwerking. Dan ligt je verhaal opeens op tafel. Zo hebben de interviews een diepere betekenis.
Als voorbeeld noemt Marien een militair die op sterven lag, en met Marien wilde spreken. “Ik vroeg hem: heb je nog aanvullingen, wil je nog dingen kwijt? ‘Nee’, zei hij, ‘Alles is gezegd.’ Hij wist, toen hij overleed, dat zijn verhaal vastligt, is opgeschreven. Dat geldt ook voor de anderen. Dat is ontzettend belangrijk.”
Jullie publiceren binnenkort een boek, wat kunnen lezers verwachten?
We besteden aandacht aan Gouwenaars die toen een rol hebben gespeeld, die zich voor vrede en veiligheid hebben ingezet en daar een hoge prijs voor betaald hebben.Harry: “Het boek verzamelt de verhalen die eerder in deze krant gepubliceerd zijn, met aanvullingen. We beginnen met de bevrijding van Gouda, omdat dat een symbolisch moment is voor veel veteranen. We besteden aandacht aan Gouwenaars die toen een rol hebben gespeeld, die zich voor vrede en veiligheid hebben ingezet en daar een hoge prijs voor betaald hebben. Zo maken we een verbinding tussen het verleden en het heden. Vervolgens kijken we naar missies waar Gouwenaars als militair aan hebben deelgenomen. Vanaf de Tweede Wereldoorlog tot aan de dag van vandaag zijn er Gouwenaars die op missie gaan en zichzelf ten dienste stellen van vrede en veiligheid. “
Marien: “Het boek telt 132 pagina’s. Het gaat over Afrika, Afghanistan, Irak, Europa, Libanon, en nog meer. We denken dat we uiteindelijk een heel divers beeld hebben kunnen neerzetten van Goudse veteranen.”






















